Francy Van der Wildt

Feminisme was voor mij een vanzelfsprekendheid. Ik zag als kind zoveel vrouwen hard werken in de steenfabrieken. In hun hard labeur gelijk aan de mannen. Ik zag mijn vader en mijn moeder samen het huishouden doen. In hun zorgtaken gelijk. Mijn ontwikkeling en opvoeding werden langs geen kanten beperkt omdat ik een meisje was. Integendeel. De drijfveer om op de sociale ladder hoger te klimmen dan mijn ouders was sterker dan enige stereotiepe rolverdeling. Die sociale emancipatie, die drang om voor zichzelf op te komen, te strijden voor gelijkheid en tegen onrechtvaardigheid en uitbuiting van mensen overtrof alle andere maatschappelijke bezorgdheden. Zo ook het man/vrouw verhaal dat voor mij logischerwijze en als vanzelfsprekend ingebakken zat in het socialisme.

In de vrouwenbeweging heb ik echter geleerd en ingezien dat feminisme een dominante factor moet zijn in een samenleving waar mannen en vrouwen op gelijke en vrije wijze kunnen functioneren. Ik ben geen mannenhaatster zoals feministen door sommigen worden afgeschilderd. Integendeel, ik hou van mensen die respect voor de eigenheid van ieder kunnen opbrengen. Toch heb ik gezien, meegemaakt, gehoord hoe het samenlevingsmodel gesteund op stereotiepe rolverdeling , vrouwen én mannen ongelukkig maakt… omdat het blijkbaar zo hoort! Lagere lonen, halftijdse jobs, eerste ontslagen, zware (dubbele) zorgtaken, financiële afhankelijkheid, armoede, onmondigheid in bankzaken, politieke tweederangsburgers, seksuele intimidaties, huiselijk geweld. Voor elk van deze dossiers moest de vrouwenbeweging vechten en strijden. Vaak als de processie van Echternach. Politieke partijen waren niet altijd een bondgenoot en mijn rotsvast geloof dat socialisme en feminisme met elkaar verbonden waren en mekaar overbodig maakten, kreeg meer dan eens een flinke deuk. Daarom ben ik trots op wat feministen, ondanks alle tegenstand, bereikt hebben. Zonder feministen zou de samenleving er vandaag een stuk ongelijker uit zien.

Jonge generaties moeten hun eigen invulling zoeken. Natuurlijk is al veel gerealiseerd. Inderdaad de meeste wettelijke ongelijkheden zijn opgeheven, jonge gezinnen trachten de taken te verdelen, maar toch. De ingebakken mentaliteit van de mannelijke suprematie blijft zich vandaag nog steeds manifesteren o.m.

  • in het huiselijk geweld en het seksueel misbruik
  • in de loonkloof
  • in de politieke beslissingsorganen en raden van bestuur
  • in de exclusief mannelijke topontmoetingen op wereldvlak
  • in de media

Waarom gebruiken vrouwen (en ook mannen) dan met zoveel schroom de F–term? Waarom zo omfloerst zeggen dat je voor gelijkheid gaat? Waarom zwijgen vrouwen nog steeds als het woord feminisme valt en bekruipt hen een zekere schaamte om zich feministe te noemen? Laat ons het woord feminisme in zijn zuiverste betekenis herstellen, wars van alle negatieve bijgedachten. Verlost ook van het lacherige bijna meewarig gedoe als je in gemengd gezelschap de feministische toer op gaat. Ik heb vaak in quasi-exclusief mannelijk gezelschap gewerkt en ja, omwille van mijn positie in de vrouwenbeweging werd ik geduld en noodzakelijk geaccepteerd. Het voelt nu bijna aan als verraad ten opzichte van andere vrouwen omdat ik toen wellicht onvoldoende mijn mannelijke collega’s gewezen heb op hun seksistische uitlatingen en gedragingen die zo gemakkelijk tussen hun dagelijkse handelingen en bezigheden glipten. Omdat ik toen wellicht te vlug tevreden was met kleine veranderingen en beloften.

Vandaag hebben vrouwen posities ingenomen die 30-40 jaar geleden zelfs nog ondenkbaar waren. Vandaag hebben vrouwen ook de tol betaald van die gedrevenheid. De combinatie van de taken buiten het gezin en binnen het gezin is blijven steken in het scenario dat vrouwen alles moeten kunnen. En dat is opnieuw dodelijk geworden voor het feminisme dat de schuld kreeg van overwerkte supermama’s en de talrijke mislukte huwelijken. Het feministisch verhaal is immers altijd vergeten de man als bondgenoot mee te nemen. Want geloof me, ook mannen worden er beter van.  Hun stereotypen zijn immers even zo verstikkend en beknottend als de onze.

Voor jonge mensen zal het samen zoeken naar scenario’s en samenlevingsafspraken bevrijdend werken indien vrouwen en mannen als gelijkwaardige partners mekaars kansen en ontwikkelingen mogelijk maken. En dat kan gevonden worden in een nieuw en eigentijds feminisme. Een eigentijds feminisme houdt in de eerste plaats rekening met verschillen tussen mensen en verschillen tussen mannen en vrouwen. Keer ik nu terug op mijn stappen? Neen, maar de recente geschiedenis heeft ons geleerd dat gelijkheid geen absolute waarde heeft als mensen met verschillende kwaliteiten en mogelijkheden niet dezelfde kansen krijgen. Soms moeten achterstanden even ingehaald worden (quota’s), soms moeten extra maatregelen zorgen voor extra mogelijkheden om gelijke tred te houden (positieve discriminatie). Praten in termen van absolute gelijkheid noem ik een schijnfeminisme dat een gevaar vormt voor alles wat moeizaam werd opgebouwd. Eerder pleit ik voor een feminisme van kansen waaraan vrouwen en mannen samen vorm geven op basis van oprecht respect en vrijheid.