Olivier Goessens, student geschiedenis, Ondervoorzitter COMAC

In zijn bijdrage aan de blog #BeslistFeminist noemde Peter Mertens, de voorzitter van mijn partij PVDA, zich een “feminist-in-opleiding”. Ik vind de term bijzonder treffend. Ook ik merk dat ik ondanks mijn feministische standpunten nog vaak machistische en seksistische handelingen overneem. Onbewust weliswaar, maar daarom niet minder schadelijk. Gelukkig heb ik in mijn leven, meer bepaald in mijn engagement in COMAC (de studentenbeweging van de PVDA) sterke vrouwen leren kennen die daar tegen ingaan. Toen ik de vraag kreeg om ook een blog te schrijven voor #BeslistFeminist was mijn eerste reflex om te weigeren, omdat er al genoeg mannen aan het woord komen. Maar toen kreeg ik het idee om me specifiek te richten naar mijn mannelijke deelgenoten. Voor hen heb ik namelijk alvast één goede raad: luister vooral eens naar wat vrouwen over seksisme te zeggen hebben.

Toen ik pas arriveerde aan de universiteit, was ik ervan overtuigd dat ik niemand nodig had om me iets te leren over feminisme. Ik verwierp seksisme als een ‘irrationele filosofie’ en daarmee was voor mij de kous af. Als ik meer theoretische achtergrond over feminisme wou, dan las ik wel een boek. Toevallig geschreven door een man. En dat ik zelf aan de lopende band seksistisch gedrag vertoonde, geloofde ik niet eens. ‘Het was maar een mopje, daar moet je toch tegen kunnen.’ ‘Als ze een man was, had ik exact hetzelfde gezegd/gedaan.’ ‘Ik ga me niet aanpassen gewoon omdat je een vrouw bent, dat zou pas seksistisch zijn’ Enzovoort. Altijd een excuus klaar. Vaak gebaseerd op grote principes zoals Humor, Vrijheid of Vrije Meningsuiting. Maar eigenlijk vooral blindheid voor de achterliggende oorzaak van seksisme als irrationele ideologie: de ongelijke maatschappelijke positie tussen vrouwen en mannen, die ook gevolgen heeft op persoonlijk vlak.

Mijn ogen begonnen pas open te gaan wanneer ik me engageerde in COMAC aan de VUB, toen de afdeling daar geleid werd door bijzonder inspirerende persoon, een overtuigde feminist en … een vrouw. De oude ik zou steigeren omdat ik dat hier zo preciseer. ‘Dat is pas seksistisch!’ Maar het is helemaal geen detail dat Mara een vrouwelijke voorzitter was. Mannen zijn het niet gewend om autoriteit te aanvaarden van vrouwen. Daar heb ik me moeten overzetten. Als vrouw en feminist kon Mara me daarna wijzen op kleine, onbewuste gedragingen waarvan ik niet doorhad dat ze seksistisch waren. Dat ik op café met mannen altijd over politiek sprak, en met vrouwen over iets anders. Dat ik een politiek voorstel van een man enthousiast zou steunen, maar sceptisch zou zijn als een vrouw met exact hetzelfde idee kwam. Dat ik mensen niet zou laten uitspreken en altijd mijn gelijk wou halen, net als de andere jongens, met als (voor ons onzichtbare) gevolg dat de vrouwen vaak zouden zwijgen terwijl de mannen steeds luider uit hun nek begonnen te kletsen.

Dat ik een macho ben, met andere woorden. En een seksist. Ik, een macho? Zo mager als een spriet en nooit agressief? Ik een seksist, die er altijd op zit te hameren dat het fundamenteel oneerlijk is dat mensen niet dezelfde kansen krijgen omwille van hun geslacht, huidskleur of geaardheid? Moeilijk te geloven. Zoiets wil je niet geloven over jezelf. Je wilt je niet schuldig voelen over iets waarvoor je niet hebt gekozen, dat je niet eens bewust doet.

Het ellendige is net dat, zelfs als je er niet voor kiest, je van kindsbeen af constant wordt beïnvloed door seksistische rolpatronen. Het zijn de sprookjes van weerloze prinsessen die gered moeten worden door een prins. Het zijn de reclamespots die inspelen op stereotiepe genderrollen. Het zijn de films waarin vrouwen enkel mogen praten als het over mannen gaat. Het is het discours van machtige mannen die vrouwenrechten minimaliseren of de ongelijkheid tussen de seksen voorstellen als een natuurlijke zaak, zonder maatschappelijke oorzaak.

Daar hoef je jezelf inderdaad niet de schuld van te geven. Dat is een samenlevingsprobleem.

Je zou je daarentegen wel moeten schamen, als je niets wil doen om dat maatschappelijk probleem aan te pakken. Uiteraard is daar vooral collectieve actie voor nodig, politiek! Maar een mentaliteitswijziging vereist ook een individuele inspanning. Het is moeilijk, maar mogelijk om bij jezelf te ontdekken welke denkbeelden, rolpatronen en gedragingen je onbewust hebt overgenomen. Daarvoor heb je echter een gids nodig. Iemand die seksistisch gedrag opmerkt dat voor jou onzichtbaar is. Iemand die je bijvoorbeeld kan vertellen hoe het is om altijd te worden afgerekend op je uiterlijk, om niet serieus te worden genomen in een intellectuele discussie, om constant geseksualiseerd en geobjectiveerd te worden. Een vrouw dus.

Niet alleen Mara is voor mij zo’n gids geweest. Die enkele jaartjes dat we samen aan de VUB studeerden waren sowieso te kort om écht te leren luisteren. Dat besefte ik onder andere toen ik zelf voorzitter werd van COMAC VUB en dus een team moest leiden met mannen én vrouwen. Vooraleer ik besefte dat het een feit is dat vrouwen vaak minder zelfvertrouwen hebben en niet hebben aangeleerd om zich uit elke situatie te redden door te bluffen, was mijn ondervoorzitster bijna gaan lopen. Gelukkig heeft Iman de kracht gevonden om mij te confronteren met mijn klaarblijkelijke ontkenning van de nochtans evidente realiteit dat, hoewel het anders zou kunnen en moeten zijn, er in deze wereld een ongelijkheid bestaat tussen vrouwen en mannen. Daarmee moeten we dus ook rekening houden, als we er iets aan willen veranderen.

Ik leer nog elke dag bij als feminist-in-opleiding. Dat is ook nodig. Recent nog begon ik ongevraagd aan een feministe uit te leggen wat mansplaining betekent (gênant!). En sinds ik een vriendin heb, sta ik vaak versteld van hoe weinig ik eigenlijk afweet over vrouwenzaken. Andersom is dat niet het geval. Maar ik leer bij, en merk dat we ook in COMAC veel vooruitgang boeken. Als mannen en vrouwen samen de strijd aanbinden tegen het seksisme, is verandering mogelijk. Dat geldt zowel op kleine schaal, in je persoonlijk leven, in een studentenorganisatie of op de werkvloer, maar ook op maatschappelijk vlak. De voorwaarde is echter dat het vrouwen zijn die de beweging op gang trekken en dat de mannen, om te beginnen, vooral leren luisteren.

Olivier Goessens, Student geschiedenis Ondervoorzitter van COMAC, de studentenbeweging van de PVDA  en Feminist-in-opleiding