Tracy Tansia, parlementair medewerker CD&V, vice-voorzitter Vrouwenraad

De eerste feminist die ik ooit heb ontmoet was mijn vader. Onze opvoeding was een mix van de traditionele Afrikaanse en westerse (Belgische) opvoeding. Mijn vader heeft me altijd gezegd dat, ondanks het gepest omwille van mijn huidskleur, ik trots moest zijn op mijn roots. Hij zei dat ik nooit beschaamd mocht zijn voor mijn afkomst. Nooit. Zwart zijn is geen beperking.

Mijn vader is een feminist. Hij heeft altijd geloofd in de sociale, economische en politieke gelijkheid van mannen en vrouwen. Hij wou dat ik goed studeerde, omdat hij geloofde dat ik mezelf daardoor van een betere toekomst verzekerde. Hij heeft altijd geloofd in mij als jonge vrouw met Congolese roots. Hij was zich er ook van bewust dat ik het als zwarte vrouw misschien moeilijker ging hebben. Maar op geen enkel moment heeft hij me gezegd dat ik iets niet zou aankunnen enkel en alleen omdat ik een zwarte vrouw ben.

Niet mijn feminisme

Een feminist is iemand die gelooft in de politieke, economische en sociale gelijkheid tussen mannen en vrouwen. En zoals Chimamanda Ngozi Adiche onlangs zei: ofwel ben je het ofwel ben je het niet. Wie zegt géén feminist te zijn, gelooft dus niet in de politieke, economische en sociale gelijkheid. Zo simpel is het.

Ik ben een feminist. Mijn vader heeft me onbewust opgevoed als feminist. Hij heeft me ook altijd meegegeven dat de combinatie van mijn huidskleur en geslacht naar meer discriminatie kon leiden. Daarom is mijn feminisme intersectioneel. Een feminisme dat zich ervan bewust is dat vrouwen met verschillende achtergronden ongelijkheid en onderdrukking op verschillende manieren kunnen ervaren. Ik bekijk niet enkel het geslacht, maar ook de etniciteit, de sociaal-economische status, de seksuele geaardheid, het geloof,… . Ik bekijk verschillende factoren en de manier waarop die op elkaar inwerken. Die combinatie kan tot meer discriminaties leiden of net voor meer privileges zorgen.

In de geschiedenis van het feminisme is de uitsluiting van gekleurde vrouwen een constante. Denk maar aan de suffragettes in de V.S. die in hun strijd de zwarte vrouwen uitsloten. Het feminisme was duidelijk niet voor de zwarte slavin, maar voor de geprivilegieerde blanke vrouw uit de middenklasse. Ook het huidige feminisme heeft zijn tekortkomingen. Zo werd Lena Dunham vaak bestempeld als ‘white feminist’. In haar serie GIRLS negeerde ze de uitdagingen van gekleurde vrouwen. Dunham heeft een ‘blindspot’ voor raciale ongelijkheid.

Het feminisme van Dunham en de Amerikaanse suffragettes, dat de verschillen tussen vrouwen negeert, is niet mijn feminisme. Het marginaliseert gekleurde vrouwen, vrouwen met een beperking, vrouwen met verschillende religies, LGBTQI vrouwen, … . Streven naar gendergelijkheid is enkel en alleen doeltreffend wanneer het uitgangspunt intersectioneel en inclusief is. De vooruitgang van enkele vrouwen zal dé vrouw niet vooruithelpen. Integendeel, meer ongelijkheid zal het gevolg zijn. Je kan dus niet een zwarte vrouw ‘negerin’ noemen en zeggen dat je toch feminist bent.

Hoe gaan we nu verder?

Ik bewonder de kracht van alle vrouwen die werken aan de vernietiging van het patriarchaat. De uitdaging is echter dat we onze privileges moeten evalueren. Hoe gebruiken we onze geprivilegieerde posities om andere, minder geprivilegieerde vrouwen, vooruit te helpen? Want feminisme is voor mij sisterhood. Het gaat niet enkel om de emancipatie van vrouwen zoals ik, maar om die van alle vrouwen in alle domeinen. We kunnen voor onszelf spreken, maar elkaar ondersteunen is onontbeerlijk.

Ik ben een geprivilegieerde jonge vrouw

Zoals Assia Missaoui onlangs schreef, zijn de dagen van het pseudofeminisme geteld. Vrouwen zoals Chimamanda Ngozi Adiche, Nozizwe Dube, Beyoncé, Carmen Perez, Issa Rae, Laverne Cox, Ashley Graham, enz. zijn het bewijs dat vrouwen van verschillende achtergronden allemaal voor zichzelf kunnen spreken. En dat de gedeelde ervaringen alle verschillen overstijgen.

Mijn privilege is dat ik een vader heb die me altijd ‘empowert’. Een vader die me heeft aangetoond dat feminisme er voor iedereen is. Ik heb het voorrecht dat ik een werkende heterovrouw ben zonder beperking. En als feminist met een aantal privileges is het mijn plicht om andere vrouwen vooruit te helpen. Want niet iedereen heeft het geluk om een vader te hebben zoals ik. Zonder een aantal privileges kon ik dit stuk vandaag niet schrijven. En ik gebruik ze om andere vrouwen vooruit te helpen. Want we kunnen onszelf geen vrije vrouwen noemen zolang andere vrouwen wereldwijd dat ook niet zijn. En jij, hoe gebruik jij je privileges om andere vrouwen vooruit te helpen?