Petra De Sutter, Head  Dept. Reproductive Medicine, University Hospital Gent

Gelijke kansen voor mannen en vrouwen zijn ook bij ons nog ver van realiteit. We hebben allerlei wetten en regels die vrouwen kansen proberen te geven, gelijk aan die van mannen, maar er is nog veel werk aan de winkel. In een ideale wereld hebben we bijvoorbeeld geen quota nodig, of misschien dromen we wel van genderneutraliteit. Zoals huidskleur of religie geen rol meer mogen spelen als het om kansen gaat, zou ook gender volgens velen niet meer van belang moeten zijn. Maar hoe dan ook, deze ideale wereld is nog niet voor morgen. En dus ja, ik ben voor quota en flankerende maatregelen die mannen en vrouwen gelijke kansen proberen te geven.

Gelijke kansen betekent echter niet dat de lat voor iedereen gelijk moet liggen, want anders halen mannen vaak de overhand. Neen, de lat moet aangepast worden voor vrouwen. Dit is net het verschil tussen wat in het Engels ‘equality’ en ‘equity’ wordt genoemd. ‘Equality’ of gelijkheid is niet hetzelfde als ‘equity’.  Het eerste probeert iedereen gelijke startkansen te geven, maar daar gaat het eigenlijk niet om. Het gaat erom dat iedereen dezelfde kans moet krijgen om hetzelfde resultaat te behalen. En dus moet de lat voor mannen en vrouwen niet gelijk liggen. Want mannen en vrouwen zijn niet gelijk, natuurlijk niet. Gelukkig niet. Genderverschillen zorgen net voor de rijkdom van onze wereld. Een genderneutrale wereld, daar zou ik niet in willen leven. ‘Equity’ dus, gelijke kansen, maar met aangepaste strategieën, zoals quota.  En dus ben ik eigenlijk best wel blij met het feit dat gender wel degelijk een belangrijk issue blijft, in tegenstelling tot huidskleur en religie.

Feminisme is dus voor mij een strijd voor meer ‘equity’ in het gelijkekansenbeleid en niet een streven naar gendergelijkheid. En die strijd is dus niet gestreden. Verre van. Waarom? Vrouwen zijn overal ter wereld nog steeds om biologisch evidente redenen verantwoordelijk voor de voortplanting. Of moeten we zeggen ‘slachtoffer van’ hun procreatieve mogelijkheden? Alle ongelijkheid tussen mannen en vrouwen draait daarrond. In landen in het Zuiden worden jonge meisjes nog voor hun eerste menstruatie uitgehuwelijkt, ze worden besneden, ze gaan minder naar school dan jongens, en hebben veel minder kansen om zich te ontplooien. Ze hebben drie kinderen tegen dat ze achttien zijn, en daardoor zijn ze economisch en politiek van geen tel, ze zitten gevangen en er verandert niets.

Ook bij ons zitten jonge vrouwen met het dilemma tussen het uitbouwen van hun carrière of het krijgen van kinderen. Het lijkt nog steeds een ‘of/of-verhaal’ terwijl we er maatschappelijk alles zouden moeten aan doen om er een ‘en/en-verhaal’ van te maken. Waarbij ook mannen meer zorg voor het gezin op zouden moeten nemen.  We mogen niet langer aanvaarden dat vrouwen, die op iets latere leeftijd aan kinderen willen beginnen en vaststellen dat het niet vanzelf gaat, het verwijt moeten horen “dat ze er maar vroeger hadden moeten aan beginnen”. Of dat ze de gevolgen van hun keuzes maar moeten dragen.

Feminisme is voor mij het blijvende gevecht tegen de stereotypes waarmee vrouwen nog steeds afgedaan worden als het zwakkere geslacht, met het cliché dat ze emotioneel onstabiel zouden zijn, ten prooi aan hun hormonen. Dat ze als seksuele prooien gezien worden, dat ze ‘ja’ bedoelen als ze ‘neen’ zeggen, als gemakkelijke slachtoffers voor discriminatie, geweld en misbruik.  Als slachtoffers van de commerciële fertiliteitsindustrie, als eiceldonoren en draagmoeders dus. Feminisme is solidariteit met de minderheden onder de vrouwen: vrouwen met een beperking, lesbiennes, bi- en transvrouwen, vrouwelijke vluchtelingen, slachtoffers van oorlogen en klimaatverandering.

Feminisme is de strijd om sterke meisjes en vrouwen te helpen opstaan en hun eigen lot te bepalen. De immer voortdurende strijd voor toegankelijke contraceptie en veilige abortus. Voor seksuele zowel als reproductieve rechten. In de landen in het Zuiden, evenals bij ons. Feminisme wil jonge meisjes en vrouwen waar ook ter wereld ‘empoweren’, het recht op zelfdeterminatie geven, zodat ze in zichzelf geloven en ook op het beleid gaan wegen. Via onderwijs en sterke rolmodellen. Met de hulp van mannen die in vrouwen geloven en aan hun zijde willen strijden.  Zodat deze wereld er stilaan een beetje vrouwelijker gaat uitzien. Met minder egocentrisme en machismo, met minder conflicten en oorlogen, met meer empathie en solidariteit. Dat zou mijn ideale wereld zijn, een wereld waarin het feminisme overbodig geworden is.

PROF. DR. PETRA DE SUTTER
Head  Dept. Reproductive Medicine,   University Hospital Gent
Senator & MP Council of Europe